Pajottenland+ V.Z.W.

Pajottenkrant januari 2005 - 2

Guido De Bleser begeleidt de pauwelbende


Guido De Bleser en Ronny Cornelis genieten nog na bij het vertellen van hun pauwelverhalen.

Guido De Bleser staat in het gulden boek van de pauwelviering ingeschreven als pauwel van 1969. De laatste jaren is hij uitgegroeid tot een van de drijvende krachten achter deze folkloristische traditie. Guido weet dat het elk jaar moeilijker wordt om tien bendeleden te vinden. Guido was zelf tien maal bendelid. Ronny Cornelis was acht maal van de partij.

In het café van Guido De Bleser, op de top van de Bosberg, komt de pauwelbende elk jaar de pauwelbroodjes rollen. Ze krijgen er de hulp van een veertigtal schoolkinderen. Guido vertelt: ,,Vroeger haalden we makkelijk tachtig tot negentig kinderen om deze klus te klaren. Ook voor de pauwelbende is er minder interesse.. 36 jaar geleden haalde ik vlot tien mensen bij mekaar om een bende te vormen. Toen trokken we ook met tien op pluiktocht. Dat was nog haalbaar omdat er veel minder woningen stonden dan nu. Om te gaan pluiken, zijn de jongens nu met twintig. Daarvoor vinden we vlotter vrijwilligers. In 1973 gingen we de eerste maal pluiken in Geraardsdbergen''.

Dat de kandidaat-pauwel moeilijker leden vindt voor een bende ligt volgens De Bleser aan het feit dat de jongeren veel meer mogelijkheden hebben dan vroeger. ,,Vele twintigers hebben nu een eigen wagen. Ze kunnen uit een massa activiteiten kiezen om hun vrije tijd te besteden. De interesse voor het pauwelgebeuren is bij de bevolking van Galmaarden wat gedaald, ook voor de viering op pauwelzondag. Toch zijn er nog mensen die houden van de traditie. Zo komt elk jaar iemand met de trein uit Oostende. Voor de pauwelstoet wisten we dit jaar de vendelzwaaiers van Boerken Naas uit Sint-Niklaas te strikken. Een trommel- en fluitgroep zorgt voor muzikale sfeer. Zolang de jonge gasten een pauwelbende willen vormen, blijf ik hen begeleiden'', besluit De Bleser.

Net als bij Guido De Bleser zit ook bij Ronny Cornelis de pauwelmicrobe wellicht in het bloed. ,,Zoals de meeste deelnemers aan de bendes kom ik uit het gehucht Sint-Paulus. Ik was acht maal bendelid. Nu houd ik de kledij van de grote en de kleine bende bij. Je krijgt jongeren uit andere gehuchten moeilijk warm om mee te doen. Ze kennen de pauwelviering onvoldoende. Nochtans is dit een mooie en unieke belevenis'', vertelt Ronny glimlachend. (JH)